Try it out
Bode-Express

Als een Nederlander de Engelse titel van dit boek ziet, zou hij de neiging kunnen hebben het te laten liggen, ook al staat er een foto van Billy Graham voorop, met de woorden: 'zijn autobiografie'. Dat zou heel erg jammer zijn. Dit boek is weliswaar niet echt goed geschreven. het lijkt meer op het opstel van een scholier, 'en toen, en toen, en toen'. Maar toch is het een ontzettend indrukwekkend boek. Dat zit 'm niet in het boek, maar in de man. Eigenlijk zelfs niet in de man, maar in datgene wat God met hem gedaan heeft. De titel is, zoals de lezer direct begrijpt, ontleend aan het lied van Charlotte Eiliott dat hierboven staat afgedrukt.

Ik heb persoonlijk nooit Billy Graham in levenden lijve gezien, noch een campagne van hem bezocht. Maar ik heb wel heel wat mensen in allerlei landen ontmoet die door hem aan de voet van het kruis gebracht zijn. En ik heb zijn prediking meermalen op televisie gezien: zelfs via dit indirecte medium greep het me diep aan als honderden of zelfs duizenden mensen tijdens het zingen van dit lied naar voren stroomden - niet naar Billy, maar naar Jezus. Ik kon het niet nalaten dan zachtjes mee te zingen, en de ogenblikken van overgave aan de Heiland opnieuw, als voor het eerst, te beleven. Het oude evangelie, good enough for me. In deze autobiografie beschrijft Billy Graham zelf zijn leven, zijn ervaringen, zijn bediening. Uiteraard is dat niet objectief. Het is zijn eigen verhaal, maar het is wel fascinerende lectuur Het boeiendste deel vond ik persoonlijk het relaas van Billy Grahams jonge jaren, Hij was toen nog niet 'de beroemde Billy Graham', maar gewoon een jongeman, een student, een aankomend evangelist. Mij was tot dusver niet bekend hoe nauw de banden waren die zijn familie en hijzelf hadden met de beweging van de 'broeders'. Zijn moeder deed geruime tijd bijbelstudie met een paar buren die naar de 'vergadering' gingen, waardoor ze de Bijbel aandachtiger ging bestuderen dan ooit (39). Zelf had Billy ook intensieve contacten met de 'broeders':

De predikers [in een conferentie in London, 1946] hadden [bijna allemaal] connecties met de Plymouth Brethren. In Wheaton had ik contact gehad met Brethren, en ik was dus op de hoogte van hun manier van doen en praten. Bovendien kende ik dr. H.A. lronside, dominee in Chicago en afkomstig uit Engeland [deze laatste informatie is onjuist HPM]. Hoewel deze man bij mijn weten nooit een officiële opleiding had gevolgd, was hij één van de grote sprekers op deze aardbol. Hij had als zendeling onder de Indianen in Arizona en New Mexico gewerkt, en kende de Bijbel beter dan wie ook. Ik weet nog dat ik tijdens een bijeenkomst van Youth for Christ naast hem in de kerk zat, en dat hij daar moest spreken. Hij viel in slaap en zat heerlijk te snurken. Toen hij aan de beurt was om te spreken, stootte ik hem aan. Hij stond op, sloeg een willekeurige bladzijde in de Bijbel op, en begon te praten. Het was ongelooflijk! (111).

In Wheaton, Illinois, heb ik een aantal jaren geleden het Billy Graham Center bezocht. Merkwaardig voor een nuchtere Hollander, zo'n museum over iemand die nog leeft. Maar hoewel de persoon Billy Graham daar zeker uitdrukkelijk zichtbaar wordt, was dat niet de voornaamste indruk die overbleef toen ik weer in de warme zonneschijn naar mijn autosleuteltjes zocht. Veeleer deze: hoe bestaat het dat het evangelie kennelijk echt zo'n geweldige kracht tot behoud is? En: wat zijn wij toch kwijtgeraakt, dat we dat niet meer kennen?
Robertson McQuilkin stelt in zijn recensie van de oorspronkelijke Amerikaanse editie van dit boek in Christianity Today twee essentiële vragen. Ten eerste: wat voor verklaring kunnen we geven van dit fenomeen? Ten tweede: moeten we Billy's voorbeeld volgen? Het antwoord op de eerste vraag is tamelijk gemakkelijk: geen. Het antwoord op de tweede vraag heeft al sinds de jaren vijftig (Bob Jones, Cari Macintyre) tot geweldige discussies geleid. Er bestaat een boekje van een Amerikaans predikant, dat heet: Billy Graham, A Ministry of Disobedierlce ('Billy Graham: een dienst van ongehoorzaamheid'). In een gespreksgroep op het internet werd ik onlangs geconfronteerd met de bewering dat Billy Graham een vrijmetselaar zou zijn. En over het internet gesproken: een klein zoektochtje leverde al direct na enkele minuten ruim duizend referenties op, waarvan er zeker honderden uiterst kritisch over de beroemde evangelist spreken. Hij onderwierp zich aan regels die door cornmunisten gesteld werden tijdens de campagnes in Oostbloklanden, sprak de Paus aan met 'Heilige Vader', nam leden van modernistische kerken op in zijn actiecomités, predikte in Grieks-orthodoxe en charismatische kerken, enzovoorts. Sommige dingen die van Billy Graham gezegd worden, zijn ronduit onwaar (bijvoorbeeld dat hij vrijmetselaar zou zijn). Andere dingen zijn gewoon waar (bijvoorbeeld dat hij de Paus met 'Heilige Vader' aansprak). Hoe moet je dat nu allemaal uitzoeken? Hoe moet je zo'n man beoordelen? Ik weet het niet, en dat meen ik: ik weet het echt niet. Maar ik hoef het ook niet perse te weten, want het ziet er niet naar uit dat Billy en ik ooit samen worden uitgenodigd om op een podium te komen staan, behalve op het platform vóór Christus' rechterstoel, waar wij allen rekenschap zullen moeten afleggen. '

Wat we intussen wel kunnen vaststellen, is dat Billy Graham niet is terechtgekomen in de lange rij van Amerikaanse evangelisten die gevallen zijn voor drank, vrouwen en geld. Wat ook niet onduidelijk is, is dat zijn boodschap nog steeds hetzelfde evangelie van redding door Christus' bloed is. Met wie hij ook - terecht of ten onrechte - mag hebben samengewerkt, het blijkt niet dat hij zijn boodschap daardoor van kleur liet verschieten. Ik citeer:

Zelf vond ik dat we bereid moesten zijn met iedereen te werken die ook bereid was met ons te werken. Onze boodschap was duidelijk, en als iemand met een heel andere mening ons met de campagne wilde helpen, dan was het die persoon die concessies deed aan zijn of haar overtuiging - en niet wij. (317)

Billy Graham kon in- en uitgaan bij Eisen- hower, Kennedy, Nixon, Johnson, Ford, Reagan, Carter en Clinton, maar hij was soms erg duidelijk over zijn standpunten. lyndon Johnson bijvoorbeeld

... had graag een ouderwetse dominee bij zich, zowel om persoonlijke als politieke redenen. Toch ben ik discussies en vermanin- gen nooit uit de weg gegaan wanneer ik dat nodig vond. [Bij eeh bepaalde gelegenheid zei ik in het openbaarl,dat ik het met een aantal dingen die hij gezegd had, niet eens was. (... ) De volgende dag werd ik door lyndon Johnson gebeld. 'Wat is er met jou aan de hand?' gromde hij. 'ik dacht dat we vrienden waren."Dat is ook zo,' antwoord- de ik, 'maar ik kan het niet altijd met alles wat u zegt eens zijn.' Hij begon over iets anders en liet het onderwerp rusten. (411)

Billy Graharn toont trouwens in zijn autobiografie zijn diepe besef dat hijzelf ook een beperkt, zwak en zondig mens is, niet slechts een instrument van Gods genade, maar ook een voorwerp van diezelfde genade.
Ik had het gevoel dat [mijn dochter] Anne mij fin Amsterdam, 19831 persoonlijk aansprak, toen ze in haar lezing zei: 'Niet alleen wat je zegt, maar vooral hoe je leeft, vormt een evangelische boodschap voor de wereld.' Die gedachte houdt mij zelfs nu nog bezig, want hier in dit boek beschrijf ik mijn leven. Voor de momenten dat mijn leven in strijd is geweest met wat ik heb gepredikt, toon ik berouw en vraag ik God om vergeving. (558)
Ik heb vaak gezegd dat, als ik in de hemel kom, mijn eerste vraag aan God zal zijn: 'Waarom ik, Heer? Waarom pikt u een boerenzoon van het platteland eruit om voor zoveel mensen te spreken? Ik heb lang en vaak over die vraag nagedacht, maar weet nu ook dat alleen God het antwoord weet.

Bron: Bode-Expres november 1997
Zoeken!
Uw klantgegevens
Welkom
U bent nog niet aangemeld:
Inloggen
Uw winkelwagentje
Leeg
Aanmelden voor de nieuwsbrief
 
 
Uitgeverij Novapres b.v. Krimweg 74 7351 AW Hoenderloo Postbus 18 7350 AA Hoenderloo
Tel:+31(0)55-5422584