Try it out
Lees hoofdstuk 1
Is dat even gezellig
 
Boek kaft: Is dat even gezellig
Wat is het toch ontzettend leuk om met elkaar te eten.
Er is niets gezelliger dan tafelen.
Samen met je eega, familie, vrienden of kennissen.
Zelfs met heel vage kennissen is eten nog steeds leuk.
En, eten duurt bij ons meestal uren.
Verrukkelijke momenten.
Voortreffelijk bereid voedsel.
En dan als de kers op het toetje...
'De conversatie'.
Super.
Geweldig ook om met al je kinderen te tafelen.
De gesprekken gaan zoals altijd alle kanten op.
Het gaat over van alles en nog wat, sport, belevenissen en vooral een heleboel onzin.
Wat is het toch een geweldig stel zo bij elkaar.
Ik geniet.
Het gaat over verkeerd uitgesproken of uit te leggen uitspraken.
"De hockeydames missen vorm". 'Ik zie het al helemaal voor mij, al die vormeloze meiden in een zak met een rugnummer erop', grapt Ramona.
'En deze dan, commentaar bij een voetbalwedstrijd', lacht Lies: "Hij moet de bal overgeven".'
'Bij een of ander socio-hulp-tranen-trek-programma: "De buren kwamen te help"', help ik mee.
Dat slaat allemaal echt helemaal nergens op.
'Haha, echt gebeurd. Ik sta bij de groenteboer, een mevrouw voor mij is aan de beurt en vraagt: "Heeft u ook bakbananen?" Zegt de groenteboer: "Nee, mevrouw, alleen trosbananen"', lacht Ernest.
Hoe flauwer, hoe beter, vind ik.
'Ha, weet je nog', lacht Dennis. 'Toen ik net in de kerk kwam, heb ik het vissenbevrijdingsfront opgezet.'
Ik kijk naar Ruth die schatert: 'Ging hij alle vissen- en haaienstickers van auto's af halen.'
'Jawel, en dan zette ik ze terug waar ze thuis hoorden. In de vijver.' 'Gelukkig heb ik hem ervan kunnen overtuigen dat mensen het niet prettig vinden als 'hun vis' van de auto wordt verwijderd.'
'Tja, wist ik veel dat het om een symbool ging.'
Wat een verhalen.
'Dat hebben we hier in het dorp ook één keer in het jaar', grinnik ik.
'Dat van het vissenbevrijdingsfront? Dat heb ik jaren geleden al ontbonden hoor', roept Dennis lachend.
'Nee joh, dit is anders', knik ik.
'Jack, niet doen, op papier ben je leuker dan in het echt', grinnikt Ramona.
Nu heeft iedereen ineens lol.
Jammer.
Ik vond mijzelf juist bijzonder grappig worden.
'Ach wat triest', plaagt Ernest. 'Een vroegtijdig einde van het diner.'
'Haha, ik dacht even dat iemand anders de schone taak van het vissenbevrijdingsfront had overgenomen', geint Matthijs.
Ik negeer hun grappen: 'Dit gaat zo. Dan worden alle tuinkabouters uit de voortuinen gehaald. Vervolgens krijgen de pers en de politie een brief waarin staat dat het kabouterbevrijdingsfront weer heeft toegeslagen en dat het kabouterbevrijdingsfront alle kabouters naar hun natuurlijke habitat heeft teruggebracht. Dan hebben ze alle kabouters in het bos uitgezet. De politie gaat vervolgens het bos in, op zoek naar al die kabouters. En daarna kan iedereen zijn 'bevrijde' tuinkabouter weer bij de politie komen uitzoeken.'
Een heleboel onzin.
Precies, en deze avond dus ook.
'Dennis en ik zijn op vakantie in Marokko, Marrakesh om precies te zijn', vertelt Ruth. 'Zitten we in een restaurantje, bestel ik een kop koffie en thee, vraagt de man mij wel vier keer of ik echt een koffie en een thee wil. Zijn ze niet gewend, dacht ik nog. Komt hij de bestelling brengen. Krijg ik een kop koffie, waar een theezakje in hangt.'
De tranen stromen over onze wangen.
Van het lachen dan.
Uiteindelijk valt er een stilte.
Iedereen buikt uit.
We gaan vervolgens onderuit op de bank zitten.
'In onze stad is de een na oudste Oranjevereniging van Nederland', leest Ramona, die het gemeenteblaadje uit de krantenmand pakt.
'Jawel, en heel het dorp viert uitbundig Oranjefeest', knikt Lies, 'met aubade en al.'
'Nou ja, niet alle mensen, maar wel heel veel mensen', lacht Matthijs.
'En een fakkeloptocht', mijmert Ruth. 'Liepen wij ook altijd mee.' 'Veel kennissen uit het dorp ook. Met al hun kinderen.'
'Jawel.'
'En daar is niets mis mee', meent Dennis.
'Dat is geweldig,' doet Ramona uitbundig, 'dan blijft het platteland gewoon bewoond.'
'En het zijn de aardigste mensen die ik ken', vind ik.
'Ze staan altijd voor je klaar', bevestigt Lies.
'Er is een ding dat leuk is, per regio, per stad bedoelt iedereen wat anders', denk ik hardop.
Vragende gezichten.
'Ik zal het uitleggen.'
'Jullie kennen het woord euro?'
'Wij weten wat dat is', schampert Ernest grinnikend.
'Behalve pa, die rekent alles nog steeds terug in guldens', wijst Matthijs.
Ik doe of ik hem niet hoor: 'Sommige dorpelingen spreken het uit als eurie.'
Ik heb de aandacht.
Alleen Lies reageert met: 'Komt dat stomme eurieverhaal weer.'
Maar ik word verder niet eens onderbroken met een grap.
'Uurloon wordt uitgedrukt in uuries.'
'Jawel, maar alsof dat nog niet erg genoeg is: sommigen bezigen zelfs de uitdrukking "Op de markt is de eurie geen pleurie meer waard".'
Om mij heen zie ik nu gezichten met de uitdrukking: hebbie hem weer.
'Ja hoor', is Matthijs' reactie.
'Erger nog,' ik praat door alsof ik niets hoor, 'ik hoorde laatst iemand zeggen: "Ik ga wat ero's voor mijn vriendin uitgeven".' 'Natuurlijk', valt Lies mij laatdunkend af.
'Zo wordt de euro nooit serieus betaalgeld', probeer ik de discussie te redden. 'Dan is ons huidige geld niet meer dan een soort weggooimonopolygeld.'
'Nou ja, gezien de financiële status van sommige EU-lidstaten?' peinst Ernest.
'De euro is gedoemd te verdwijnen', bevestigt Dennis.
Ik doe een duit in het zakje: 'Er komt voor de financieel sterke, noordelijke lidstaten een nieuwe munt. De Noord-Europese munt. Oftewel, kort en bondig, in de volksmond: de neuro.'
'Haha', leukt Ruth de discussie op: 'En voor de financieel wat minder draagkrachtige Zuid-Europese lidstaten wordt het dan zeker de zeuro.' 'Ach, wat maakt het uit, het is toch allemaal opgeleukt geld', vindt Matthijs.
'Per land gepimpt', meen ik.
Lies knikt: 'Voorzien van allerlei afbeeldingen, van zichzelf onoverkomelijk belangrijk vindende staatshoofden.'
'Haha, die worden zo genoemd omdat hun hoofd op het euromuntje prijkt', doet Dennis deelzaam. 'Ze staan er niet op omdat ze hun land leiden. Neen. Dat is een illusie. Er is geen staatshoofd meer in Europa die het land leidt.'
'Behalve die twee van Liechtenstein en Monaco dan', geeuwt Lies.
'Vooruit', bevestigt Dennis. 'Maar verder niet.'
'Nu we het toch over Monaco hebben, wij gaan een weekendje weg', zegt Lies. 'Een leuke aanbieding, in België, tussen Vaals en Maastricht, ergens daaronder in de Voerstreek, net over de grens.' Leuk. Leuk. Leuk voor jullie, zijn de reacties.
'En morgen heb ik, als het gesprek goed gaat, de eerste van mijn wekelijkse uitjes', zeg ik verwachtingsvol.
'Dat is leuk, veel plezier met je eerste gesprek', wensen ze me succes.
'En volgende week donderdag komen Matthijs en ik weer bij jullie eten', lacht Kayla.
Dat is leuk, denk ik, en ik zeg: 'Dat is leuk.'
'O ja, dat vergeet ik nou bijna, ik heb vanaf de eerste donderdag van de volgende maand weer een expositie in Café De Roze Aap. Komen jullie 's avonds ook nog naar de opening?' vraagt Ernest.
'Wij zijn er', roepen wij in koor.
Café De Roze Aap, 's werelds gezelligste café.
Vanzelfsprekend.
Wij zijn daarbij.
Alle servies, glaswerk en bestek wordt in de keuken tot een paar grote stapels teruggebracht.
Iedereen zoekt zijn spullen, jassen en tassen bij elkaar.
Blij en voldaan gaan ze allemaal weg.
Alleen de stapels blijven staan.
Altijd fijn, zo zonder afwasmachine.
Recensies van lezers
Zoeken!
Uw klantgegevens
Welkom
U bent nog niet aangemeld:
Inloggen
Uw winkelwagentje
Leeg
Aanmelden voor de nieuwsbrief
 
 
Uitgeverij Novapres b.v. Krimweg 74 7351 AW Hoenderloo Postbus 18 7350 AA Hoenderloo
Tel:+31(0)55-5422584