Try it out
Lees hoofdstuk 1
Hemelbestormer
 
Boek kaft: Hemelbestormer

Vandaag

Een plafondventilator ruiste door de middaghitte boven het hoofd van kapelaan Francis Cadione, waarbij hij piepte bij ieder rondje dat hij draaide. Maar verder verbrak geen enkel geluid de stilte in het schaars verlichte kamertje. De sterke geur van citroenolie, vermengd met pijprook, bleef in de lucht hangen. De smalle, hoge ramen aan beide zijden van het prehistorische bureau reikten tot aan het plafond en wierpen een gelig licht over de eiken vloer.
Sommige mensen zouden het meubilair als gotisch bestempelen. Cadione vond zijn kantoor eerder sfeervol. En dat paste hem wel. Hij was een man van de kerk en in de kerk ging het voornamelijk over sfeer.
Maar de bezoeker die met gevouwen handen in de Bourgondische stoel tegenover hem zat, droeg zijn eigen atmosfeer met zich mee. Die verspreidde zich zoals een zwaar parfum je neusgaten binnendringt. De man zat er nog geen minuut en glimlachte van oor tot oor, alsof alleen hij op de hoogte was van het een of andere grote geheim, en kapelaan Cadione voelde zich op een vreemde manier uit zijn evenwicht gebracht. De bezoeker had zijn benen over elkaar geslagen en het bovenste been slingerde heen en weer als een hypnotiserende pendel. Zijn blauwe ogen bleven de priester aanstaren en weigerden diens blik los te laten.
De kapelaan wendde zijn blik af, pakte zijn zwarte pijp en klikte met het mondstuk zachtjes tegen zijn tanden. Deze gewoonte stelde hem een beetje op zijn gemak. Een dunne sliert tabaksrook steeg op langs zijn dikke wenkbrauwen voor hij de luchtwervelingen van de plafondventilator ontmoette en uit elkaar werd geblazen. Cadione sloeg zijn benen over elkaar en realiseerde zich op het moment dat hij dat deed, dat hij dat had gedaan om de houding van de bezoeker te kopiëren.
Ontspan je, Francis. Je begint te malen. Dat is een gewone man die daar zit. Een man die misschien niet zo gemakkelijk te imponeren is als anderen, maar toch gewoon een man.
‘Oké dan, vriend. Je lijkt me nogal in een goed humeur.’
‘Goed humeur? En wat bedoelt u precies met goed humeur, kapelaan?’
De vriendelijke stem van de man leek de bron van de vreemde atmosfeer te zijn – de atmosfeer die de kapelaan de rillingen over zijn rug deed lopen.
Het was net of hun rollen niet duidelijk meer verdeeld waren. Alsof ze werden vermengd door de roterende bewegingen van de oude plafondventilator. Kapelaan Cadione trok aan de pijp en liet de rook tussen zijn lippen door ontsnappen. Hij sprak door het rookgordijn heen. Sfeer. Het draaide allemaal om sfeer.
‘Ik bedoelde alleen te zeggen dat je behoorlijk gelukkig lijkt te zijn met je leven, ondanks je… tegenslag… Meer niet.’
‘Tegenslag?’ De linker wenkbrauw van de man ging omhoog. De glimlach onder zijn blauwe ogen werd nog iets breder. ‘Tegenslag is een relatieve term, nietwaar? Het lijkt me dat als iemand gelukkig is, zoals u zegt, zijn omstandigheden niet bepaald als een tijd van tegenspoed kunnen worden beschreven, nietwaar?’
Cadione wist niet zeker of de man eigenlijk wel een antwoord verlangde. De vraag voelde meer aan als een berisping – alsof deze man was uitgestegen boven zo’n doodgewoon iets als geluk en nu bezig was die dwaze stervelingen te onderwijzen die het druk hadden met het najagen ervan.
‘Maar u hebt gelijk. Ik ben in een uitstekende bui,’ zei de man.
Cadione schraapte zijn keel en glimlachte. ‘Dat is te zien.’
Feit was dat deze man niet slechts gewoon blij was. Hij leek letterlijk uitgelaten door wat hem bezig hield. Geen drugs – dat zeker niet. De bezoeker zat daar met over elkaar geslagen benen, staarde hem aan met die diepblauwe ogen en had een uitnodigende glimlach. Het leek erop dat hij hem uitdaagde. Kom op, kapelaan, doe wat je moet doen. Vertel me over God. Vertel me alles over goedheid en blijheid en over hoe buiten God niets er echt toe doet. Vertel het me, vertel het me, jochie, vertel het me dan.
De priester voelde dat er een nerveus glimlachje over zijn gezicht speelde.
Dat was de andere kant van de blijdschap van deze man. Het leek besmettelijk.
Hoe dan ook, de man wachtte en Cadione kon daar niet blijven zitten peinzen over van alles en nog wat. Hij was deze man iets schuldig. Hij was tenslotte een man van God en was in dienst genomen om het licht te verspreiden. Of in ieder geval de weg te wijzen naar de lichtschakelaar.
‘Weten wat je plek in het leven is, brengt inderdaad blijdschap,’ zei Cadione.
‘Ik wist dat u het zou begrijpen, kapelaan! U hebt er geen idee van hoe het voelt om met iemand te praten die het echt begrijpt. Soms heb ik het gevoel dat ik op barsten sta en dat niemand om me heen het begrijpt. U begrijpt het toch, nietwaar?’
‘Ja.’ Cadione knikte instinctief, grijnzend, nog steeds verbaasd over de passie van de man.
‘Precies! Mensen zoals u en ik kunnen alle rijkdom van de wereld hebben, maar het is dat andere wat er echt toe doet.’
‘Ja.’
‘Niets is ermee te vergelijken. Helemaal niets. Heb ik gelijk?’
‘Ja.’ Cadione moest een beetje grinniken. Hij had het gevoel dat hij bij een kruisverhoor in de val werd gelokt met al die ja’s. Er was geen twijfel mogelijk dat het de man ernst was. En ook aan zijn passie hoefde niet te worden getwijfeld. Aan de andere kant had de man net zo goed zijn verstand kwijt kunnen zijn. Een beetje zonderling, misschien wel vroeg seniel.
Cadione had het bij zoveel mensen gezien die in dezelfde sociale omstandigheden verkeerden als deze man.
De bezoeker, met glimmende pretogen leunde naar voren. Hij sprak nu op gedempte toon. ‘Hebt u het ooit gezien?’
‘Wat gezien?’ Cadione wist dat hij veel te veel klonk als een klein joch dat met grote ogen naar de onderwijzingen van een wijze vader zat te luisteren, maar hij kon er niets aan doen.
‘De geweldige werkelijkheid achter alle dingen.’ De man keek langs Cadione heen, naar een schilderij waarop de hand van God stond afgebeeld, die zich uitstrekte naar de hand van een mens. ‘De hand van God.’ Hij knikte in de richting van het schilderij en de priester draaide zich om in zijn stoel.
‘De hand van God? Ja, die zie ik iedere dag. Overal waar ik kijk.’
‘Ja, natuurlijk. Maar ik bedoel echt zien, kapelaan. Hebt u Hem echt dingen zien doen? Niet iets waarvan u gelooft dat Hij het gedaan zou kunnen hebben. Niet zoals: Kijk nou toch es an, schat, ik geloof dat God ons een parkeerplaats vlak bij de deur heeft gegeven. Maar hebt u God wel eens echt iets zien doen, iets wat vlak voor uw neus is gebeurd?’
De geestdrift van de man deed de haartjes in Cadiones nek weer overeind staan. Maar als de man zijn zinnen had verloren, had hij misschien wel wat beters gevonden. Natuurlijk, als God Zijn vingers naar de aarde uitstak en hier en daar wat in beweging zette, konden mensen dat niet daadwerkelijk met hun ogen zien. Hij zag in gedachten een enorme duim en wijsvinger voor zich die een auto oppakten en hem verzetten, zodat een andere auto een mooi parkeerplekje zou hebben.
‘Nou, eigenlijk niet.’
‘Maar ik ken iemand bij wie dat is gebeurd. Ik ken iemand bij wie dat op dit moment gebeurt.’
Er viel een stilte. De bezoeker staarde hem aan met die doordringende babyblauwe ogen. Maar de ogen waren niet die van een waanzinnige. Kapelaan Cadione trok aan zijn pijp, maar hij was uitgegaan en leverde alleen maar muffe lucht.
‘Is dat zo…?’
‘Zeker weten.’ De man leunde weer achterover en glimlachte. ‘En ik heb het ook gezien. Zou u het ook willen zien, kapelaan?’
Er zat een zekere magie in de woorden van de man. Een mysterie dat waarheid bevatte. Hij leunde achterover, waarbij hij weer de houding van de bezoeker overnam. Hij besefte dat hij nog geen antwoord had gegeven op de vraag van de man.
‘Het zou uw wereld kunnen veranderen,’ zei de man.
‘Ja. Het spijt me. Ik was… eh…’
‘Goed dan.’ De man haalde diep adem en sloeg zijn benen weer over elkaar. ‘Open uw gedachten, vriend. Wijd open. Kunt u dat?’
‘Ja… Ja, ik denk het wel.’
‘Goed, dan heb ik een verhaal voor u.’
De bezoeker haalde nog eens diep adem, zeer tevreden met zichzelf, leek het, en begon.

Recensies uit de krant
25-2-2005Herstel
7-3-2005Reveil
17-3-2005Ronduit
22-3-2005Frontaal
18-7-2005Opwekking
21-10-2005Echo
Recensies van lezers
NaamHannie.P.
Rapportcijfer9
RecensieDe hemelbestormer is echt een geweldig boek! Na deadline en het randje van de eeuwigheid een boek die in de rij van deze boeken er helemaal bij past op volgd misschien zelfs wel!?Het is weer een boek waar je maanden zelfs wel veel langer in je eigen leven steeds op terug grijpen zult. Dit boek is een grote aanrader voor iedereen die ook zo kunnen genieten van bv Deadline,Randje van de eeuwigheid enz. vriendelijke groetjes,Hannie.P Nijkerk
NaamLeo
Rapportcijfer10
Recensiegeniaal geniaal geniaal geniaal en ik ben nog maar op de helft.... ow wacht wat doe ik hier.. verder lezen!!! Maar serieus een supergoed boek.
Naamremmelt mastebroek
Rapportcijfer8
RecensieHeb het boek in drie avonden uitgelezen. Het verhaal is spannend, en met vaart geschreven. Het thema is goed uitgewerkt. De schrijver bezit veel fantasie en weet de lezer tot het einde toe te boeien. Het beetje romantiek in het boek, is (wat mij betreft) wat ' overdone'. Kortom: een zeer sterk debuut!
NaamJoel Barendregt
Rapportcijfer10
RecensieSuper boek... Ted Dekker is echt een super goede schrijver... Hoop dat ze snel zijn nieuwe trilogie gaan vertalen... Groetjes!
NaamD. Split
Rapportcijfer10
RecensieTed is een fenomeen! Lees 1 boek en je wilt ze allemaal lezen. Gelukkig schrijft Ted sneller dan ik kan lezen.
Naammarnix (16)
Rapportcijfer9
Recensiegeweldig boek van een geweldige schrijver ik lees nu rood en wacht met ongeduld op wit prachtig
Zoeken!
Uw klantgegevens
Welkom
U bent nog niet aangemeld:
Inloggen
Uw winkelwagentje
Leeg
Aanmelden voor de nieuwsbrief
 
 
Uitgeverij Novapres b.v. Krimweg 74 7351 AW Hoenderloo Postbus 18 7350 AA Hoenderloo
Tel:+31(0)55-5422584